Page 188 - tmp
P. 188

Hiermee wordt het ecosysteem verwoest, maar ook de bescherming tegen de zee,
               zoals ik al eerder schreef. Het was laagwater en een hele partij rotsen was tevoorschijn
               gekomen.  Gisteren  met  hoogwater  zagen  we  die  niet.  Op  de  rotsen  zaten  veel
               zeepokken, mosselen en ook oesters. Ik zag zo gauw geen napslakken op de rotsen,
               waarvan  we  er  gisteren  veel  op  het  strand  zagen  en  nu  natuurlijk  ook  weer.  We
               waadden door de lagune, waar we gisteren omdraaiden en liepen nog en stukje verder
               op het strand. Ik zag tijdens het lopen wel wat aangespoeld plastic, maar lang niet
               zoveel als bij ons. Achter een rotspartij op het strand lag een kudde koeien lekker uit
               te rusten. Op het strand hebben ze minder last van vliegen en het zoute water is ook
               goed  voor  ze  om  in  te  baden.  Het  waren  mooie  koeien,  de  meester  donker-  of
               lichtbruin,  maar  ook  een  met  witte  vlekken.  Het  merendeel  waren  koeien  uit  deze
               streken,  gedomesticeerde  wilde  buffels.  Er  liep  ook  een  zeboestier  met  een  grote
               vetbult op zijn rug. Op het strand lag een mooie aangespoelde boom. Het bleek een
               boom te zijn waarvan de bast wordt gebruikt als geneesmiddel tegen malaria, dus een
               kinineboom. Bij een volgend riviertje klommen we de heuvels op, die tegen het strand
               liggen. Het was licht bewolkt, dus de zon knalde niet vol op onze kop. Het was redelijk
               gemakkelijk lopen op een soort geitenpaadje. We kregen een prachtig uitzicht op de
               eerste lagune en keken naar de vele bloemen die hier te zien waren. Er waren een
               paar soorten droogbloemen, die je bij ons wel eens in droogboeketten ziet. De bloemen
               waren  er  in  alle  kleuren,  maar  veel  waren  onbekend  voor  ons.  Overal  zagen  we
               molshopen, die komen hier dus ook voor. We liepen een paar heuvels af en op en
               kwamen daarna in een bosgebied. Er waren twee begeleiders mee die veel vertelden
               over de streek en de planten die we zagen. Ook vlogen er kleurige vlinders en zagen
               we een mooie, groenglimmende kever op een bloem. Op het pad liep een gele rups,
               maar die hield ons niet bij. Een groot deel van het pad liep door grasland en was
               gemakkelijk te lopen, maar bij een paar hellingen was het een keienpad met veel losse
               stenen. Hier moest je even goed opletten, maar we hadden allemaal bamboestokken
               gekregen aan het begin van de wandeling, dat was wel handig. We zagen nog wat
               vruchtbomen, zoals een die ze vijgenboom noemden, waarvan de vruchten ook wel
               wat weghadden van vijgen. Bij het eten daarvan moest je volgens de gids wel goed
               opletten  omdat  er  insecten  in  konden  zitten,  vlees  en  fruit  tegelijk.  Ook  zagen  we
               sterappeltjes,  kleine  ronde  besvormige  bolletje  op  een  rozet  van  vijf  blaadjes.  We
               kwamen uiteindelijk uit bij een soort stuw in een riviertje. Hier waren de deelnemers
               van de korte tocht ook aanwezig, hoewel die ook een flink stuk moesten afdalen over
               een keienpad, dat meer een beekbedding leek.






















               Sterappeltje
   183   184   185   186   187   188   189   190   191   192   193