Page 278 - tmp
P. 278

We kwamen in een ruig bergmassief. We reden al een tijdje op Route 62, de Zuid-
               Afrikaanse variant van de beroemde Amerikaanse Route 66. De bergen bestonden uit
               lagen sterk verweerd zandsteen en dolomiet. Door tektonische bewegingen van de
               aardschollen  waren  die  lagen  geplooid,  waarbij  ze  soms  helemaal  verticaal  waren
               verschoven.  Wij  zaten  te  genieten  van  dit  landschap.  Bergen  blijven  imposant
               ongeacht  in  welk  land  of  werelddeel.  Daarbij  komt  ook  verwondering  over  hoe  ze
               vroeger in dit soort landschappen wegen konden aanleggen. De eerste pioniers die bij
               Kaapstad aankwamen en verder het land wilden ontdekken en ontginnen, moesten
               met hun ossenwagens door de bergen. Er werden smalle wegen aangelegd. Dat was
               eenrichtingverkeer. Dus op bepaalde dagen konden, of de wagens van de ene kant,
               of van de andere kant rijden over deze primitieve weg. Een slimme wegenbouwer had
               gebruik gemaakt van wildpaden, bij het uitzetten van de trajecten. Wild zoekt altijd
               feilloos de gemakkelijkste weg door het landschap of de bergen. Later werden langs
               deze trajecten moderne wegen aangelegd, maar hier en daar kon je nog restanten
               zien van de oude handelsweg. Na 2,5 uur rijden werd het tijd voor een koffiestop. We
               zaten  weer  in  een  leuk  tentje  in  een  klein  plaatsje.  Aan  de  overkant  was  een
               souvenirshop. Dat was een walhalla voor souvenirjagers en de prijzen waren soms
               vier keer lager dan in de bekende toeristische plaatsen.






















               Wij werden hebberig en kochten een teakhouten schaal in de vorm van een liggende
               cheeta, een schaal met een drinkende zebra als handvat, een leuk beeldje van vier
               Afrikaanse vrouwen naast elkaar, waar we eerder verlekkerd naar keken, maar dat
               toen veel te duur was en een leuke hanger. Dat wordt kilo's sjouwen, achter de hal met
               normale  souvenirs  was  nog  een  grote  hal  die  stampvol  stond  met  authentieke
               Afrikaanse  beelden  uit  het  hele  zuidelijke  deel  van Afrika,  maar  ook  maskers  en
               dergelijke. Wat een mooi spul hadden ze hier. Na gewinkeld te hebben gingen we weer
               verder en maakten nog een kleine stop voor een korte tunnel. Het was hier echt een
               wild berglandschap, flink geërodeerd, maar niet met lieflijke rondingen, maar scherp
               en  ruw.  Boven  de  tunnel waren  de  restanten  van  een  oud  Engels fort te  zien, dat
               vroeger  de  weg  bewaakte  tegen  Boeren  die  de  Engelsen  wilden  verdrijven.  Later
               kwam er nog een tunnel. Dit was een moderne van negen kilometer lang. Vrachtauto's
               en  bussen  moesten  langs  een  controlepost  om  de  hoogte  te  controleren  en  de
               verlichtingen en stoplichten. Het was een tunnel met één baan met twee stroken voor
               heen en terug. Ernaast was nog een tunnel gebouwd, omdat het de bedoeling was om
               er twee te maken voor iedere rijrichting een. Helaas was het geld op en is deze tunnel
               alleen voor noodgevallen. Het werd na de tunnel weer een heuvellandschap.
   273   274   275   276   277   278   279   280   281   282   283