Page 84 - tmp
P. 84
Maar omdat het grootste deel daarvan in handen was van de Grote Alliantie, bleef zijn
gezag in Vlaanderen beperkt tot Nieuwpoort en Diksmuide. Na de machtsoverdracht
aan de Oostenrijkse Habsburgers kwam Peter de Grote in 1717 op bezoek. In de late
de
de
17 eeuw en eerste helft van de 18 eeuw was de stad een van de vestingsteden die
deel uitmaakten van de Nederlandse vestingbarrière in de Zuidelijke Nederlanden.
Op kaarten uit de 18 eeuw is Nieuwpoort te zien als een klein stadje, volledig omringd
de
door een stadsmuur en een grote slotgracht. Het stratenpatroon was ordelijk
opgebouwd uit rechthoekige blokken. In de noordwestelijke en zuidoostelijke hoek van
de stad bevonden zich boomgaarden. Bijna achter alle rijhuizen waren er moestuinen,
in het westen was er een houten windmolen, en de kerk was helemaal in het zuiden.
de
Plaats voor uitbreiding was er niet meer binnen de muren. In de 19 eeuw werden de
beperkingen van Nieuwpoort als garnizoensstad opgeheven. Van 1861-1866 werden
de vestingwerken gesloopt. Hierdoor kon Nieuwpoort zich uitbreiden en kwam ook het
kusttoerisme op gang, waardoor Nieuwpoort-Bad ontstond. Het kusttoerisme kwam
goed op gang na de aanleg van de spoorverbinding die Nieuwpoort-Bad met Brussel
verbond. Op 15 augustus 1869 stoomde de eerste trein het station binnen, met koning
Leopold II als passagier aan boord. In 1929 werd deze lijn geëlektrificeerd en verlengd
naar De Panne. Uiteindelijk zou dit de huidige kusttramlijn worden. Tijdens de Eerste
Wereldoorlog bij de Slag om de IJzer raakte Nieuwpoort zwaar beschadigd. Het was
een steunpunt voor de verdediging van het Belgisch leger, dat zich kon handhaven na
de inundatie van een gebied gelegen tussen de IJzer en de spoorwegbedding. Het
onder water zetten had niet de gehoopte resultaten opgeleverd. De stad werd
verwoest, maar niet ingenomen door de Duitsers. In de Tweede Wereldoorlog werd de
stad wel ingenomen door de Duitsers. Tussen 1940 en 1944 werd Nieuwpoort opnieuw
zwaar beschadigd. Na de Tweede Wereldoorlog werden de haven en het kusttoerisme
in Nieuwpoort verder uitgebreid. In het westen werd Nieuwpoort-Bad, erbij getrokken.
We liepen eerst de oude stad in en kwamen op een plein waaraan de Stadshalle lag,
het huidige stadhuis dat werd gebouwd in 1922. Het gebouw was opgetrokken in de
Vlaamse renaissancestijl. Het oude stadhuis werd verwoest in het begin van de Eerste
Wereldoorlog. Erachter lag de grote Onze-Lieve-Vrouwekerk die eveneens werd
heropgebouwd in de jaren '20 na de Eerste Wereldoorlog. Dit gebeurde volgens
plannen van de oorspronkelijke gotische kerk, met uitzondering van de toren. De bijna
losstaande toren werd pas in 1952 gebouwd. Binnen was er naast een klein deel kerk,
ook ruimte voor een expositie van archeologische vondsten van de oude kerk.
Centrum van Nieuwpoort

