Page 42 - tmp
P. 42
Een deel van de tocht ging door een bosgebied met naaldbomen en beuken. Hier
zagen we een flits van een bonte specht. Even verder zwom in een meertje een
paartje geoorde futen met hun prachtige waaier van goudgele pluimen achter het
felrode oog. Na elke duik duurde het een hele tijd voor ze weer boven kwamen.
Het was toch wel erg leuk om te lopen in dit gebied dat toch weer heel anders was
dan op ons eiland. Wat dichter bij Castricum was weer een hoog uitkijkduin. Tijdens
de Duitse bezetting had op dit duin een grote Wassermann radar gestaan, net zo
een als op het Seinpaalduin op Terschelling. Voor die tijd was dit een geavanceerd
apparaat waarmee de Duitsers de geallieerde vliegtuigen konden spotten als ze
waren opgestegen. Nu konden ze hun jachtvliegtuigen rechtstreeks naar de
bommenwerpers sturen om die te onderscheppen. Als de geallieerden geweten
hadden wat dit voor apparaten waren, was wellicht een deel van West Terschelling
geraakt door bommen om de radarscanner te vernietigen. Gelukkig is dit nooit
gebeurd, maar het heeft wel heel veel van de bemanningsleden van de geallieerde
bommenwerpers het leven gekost, omdat ze voortijdig naar beneden werden
gehaald. We waren nu dicht bij Castricum aan Zee ons einddoel. Het was de
bedoeling om vanaf hier met de bus terug te gaan. Vanaf een afstand leek Castricum
aan Zee geen sprankelend beach resort. We besloten daarom om van het hoge duin
rechtstreeks naar zee te lopen om lopend over het strand weer huiswaarts te keren.
Het hoge duin
De strandovergang was een hoog en steil duin met zacht zand. We moesten flink
ploeteren om boven te komen. Daar kwamen we in gesprek met een man die mij al
een beetje bekend voor kwam. Maar ja, ik ben zeer slecht in gezichten, dus het zou
wel weer loos alarm zijn. Al pratende kwamen we dichter bij een ontknoping.

