Page 74 - tmp
P. 74
Toeristen zijn vaak koeien, hoewel ik deze nobele zuivelleveranciers nu beledig. Ze
lopen stompzinnig achter een gids aan en denken dat in hun vakantie er alleen zon is.
Regen is voor de domkoppen die thuis blijven om te werken. Natuurlijk was het weer
op onze hand. De regen stopte toen we naar het hotel moesten voor een nieuw uitje.
de
Met de bus werden we vervoerd naar de Mesi-brug, een 18 -eeuwse Ottomaanse
brug met dertien bogen die ongeveer acht kilometer ten oosten van Shkodra lag. De
brug lag over de rivier de Kir. Vanwege zijn lengte wordt het beschouwd als de
belangrijkste en best bewaarde Turkse brug in Albanië.
De Mesi-brug
De brug maakte deel uit van een handelsroute die leidde van Shkodra langs de
zuidelijke rand van de Albanese Alpen naar Kosovo. Het was een pad dat de
Romeinen al gebruikten en dat tot 1944 nog steeds met muilezels werd gebruikt. Na
het bezoek aan de brug reden we naar het kasteel van Rozafa. We werden met de
bus gedropt aan de voet van de heuvel waarop het kasteel lag. Deze 130 meter hoge
heuvel lag geklemd tussen de Bunërivier in het noordwesten en de samenvloeiing van
Kir en Drin in het zuidoosten. Na het uitstappen moesten we nog wel even de ruim
honderd meter naar boven lopen/klimmen over de keienweg die naar de slotpoort liep.
Met onze Olympisch conditie was dat natuurlijk een fluitje van een cent. Gelukkig horen
jullie niet ons gehijg tijdens deze klim. Op weg naar het kasteel zagen we beneden ons
de Loodmoskee, zo genoemd vanwege de met lood beklede koepels. Het was een
oude moskee, maar omdat dit gebouw door overstromingen van de rivier werd
bedreigd is er een stenen wal omheen gebouwd. Die was net klaar en daardoor leek
de moskee net gebouwd te zijn. We kwamen door de poort naar binnen en hoorden
de volgende legende over het ontstaan van het kasteel.

