Page 116 - tmp
P. 116
De spoorbaan volgde de plooiingen van de bergwanden. Hierdoor kreeg je steeds
andere kijkjes op het landschap. In de zomer is het hier prachtig groen, maar nu waren
de bomen kaal en zag het landschap er grauw uit. Dat hoort bij deze tijd van het jaar.
Meestal ligt er in deze streken sneeuw, maar nu was het alleen rijp. Waarschijnlijk was
de temperatuur hier net tegen het vriespunt of er net overheen. Ook nu weer zagen
we allemaal besneeuwde bergpieken oplichten in de zon. We zaten gelukkig aan de
goede kant van de trein, want aan de andere kant waren onze reisgenoten tegen de
felle zon in aan het kijken. We kwamen onderweg een paar dorpjes tegen. Tegen de
berghellingen zagen we allemaal kleine huisjes waar geen weg heenging, die zouden
waarschijnlijk alleen per voetpad bereikbaar zijn. Misschien waren het onderkomens
van herders, anders zou ik het niet weten. Naar een enkel hutje liep een kleine
kabelbaan vanaf de spoorweg met een mandje voor de bevoorrading. Een deel van
de tocht reden we door Italië. Hoog in een dorpje zagen we een glimp van een kerk
met een koepeldak, die wel een kopie leek van een Vaticaanse kerk. Dat bleek het
Santuario della Madonna del Sangue te zijn, de Maagd van het bloed. Dat is een
heiligdom in de gemeente Ré in Italië. Het is gewijd aan de Heilige Maagd Maria en
werd gebouwd op de plek waar in 1494 een wonder plaatsvond. Een klein fresco van
de voedende Madonna werd door een steen geraakt en begon te bloeden. Dit
heiligdom is daarna een populaire bestemming voor pelgrimstochten uit de omgeving
geworden en is de belangrijkste religieuze plaats in Valle Vigezzo. Halverwege 1900
werd er een basiliek in Byzantijnse neostijl gebouwd, die we vandaag dus zagen. Later
reden we het gebied Centovalli in, de honderd valleien. Ook hier reden we over hoge
viaducten en door tunnels.

