Page 122 - tmp
P. 122
Beeldenpark Rock Strangers van Arne Quinze
Met de immense metalen installaties wil Quinze tegenwicht bieden aan de steeds
sterkere eenheidsworst in de stedenbouw (in België). Ook wil hij doordringen tot de
veilige cocon die mensen om zich heen bouwen in de stad. Vanaf hier liepen we naar
ons hotel waar we een prima kamer kregen. Na een tijd te hebben gewerkt op de kamer
gingen we op zoek naar wat te eten. We vonden een restaurant dicht bij ons hotel aan
de Visserskaai. Dicht daarbij lag ook de overdekte vismarkt, de Vistrap. Er lag nu maar
één vissersboot, de rest was waarschijnlijk op zee. We hadden een hele jonge, lieve
en beetje naïeve serveerster die wel nieuwsgierig was. Ze was ook heel behulpzaam.
Ze wilde wel weten waar we vandaan kwamen, maar Terschelling zei haar niets. Ze
ging het wel later opzoeken. Arnhem was het noordelijkste dat ze was geweest in
Nederland. Lily nam een menu met een garnalenkroket en pladijs. De serveerster kon
niet uitleggen wat een pladijs was, alleen dat het een platvis was. Meer was er ook niet
over te vertellen in het Belgisch. Ik zocht het op en het bleek een schol te zijn. Erbij
zaten frietjes. Ik vertelde haar dat het bij ons schol heet en heel verbaasd antwoorde
ze, dat ze niet begreep dat wij het een schol noemden, terwijl het een pladijs was. Rare
Hollanders om een vis anders te noemen. Ik dronk een Leffe Blond en Lily een Jupiler
0,0% pilsje. Mijn menu bestond naast de garnalenkroket uit forse moten zalm,
kabeljauw, plus scampi's en een stuk zeeduivel met puree erbij. Ik nam geen toetje,
maar snoepte een paar happen mee van Lily's warme appeltaart met een bolletje ijs
en slagroom. Ze dronk daarbij het kopje koffie dat bij mijn menu hoorde. Het eten was
lekker, maar overvloedig. We hebben echt ons best gedaan.

