Page 90 - tmp
P. 90

Een smalstad had officieel de status van stad, maar was praktisch gelijkgesteld aan
               het platteland. Het begrip "smal" betekent hier "klein", zoals in het Engelse small. De
               geschiedenis van Brouwershaven is er een van verbondenheid met het water. De
               vangst van vis en schelpdieren was een belangrijke inkomstenbron. Maar ook de
               handel in wijn en bier, hout en steen, wol en vlas, rapen en bieten deed de stad
               groeien. Lange tijd vormde ook darinkdelven een bron van inkomsten. Darinkdelven
               is het afgraven van moer, ooit door de zee overspoeld veen, om daaruit door
               verbranding zout te kunnen winnen. Toen dit werd verboden, haalde men het zout uit
               warme streken waar de zon zeewater kon laten verdampen, Portugal bijvoorbeeld.
               Dat zout werd voor een flink deel doorgevoerd naar de havens aan de Oostzee, waar
               weer hout en andere producten werden ingekocht. In 1575 werd de nauwelijks
               versterkte stad veroverd door Spaanse troepen en vervolgens in brand gestoken.
               Vanaf 1590 werd Brouwershaven voorzien van aarden stadswallen, omgeven door
               een natte gracht. Vijf poorten gaven toegang tot de stad. Bij de stormvloed van 1682
               werd een deel van de vestingwerken vernietigd. De vesting werd opgeheven in 1820,
               waarna ze werd ontmanteld. De wallen en grachten aan de oost- en noordzijde van
               de stad zijn bewaard gebleven. Tot in de negentiende eeuw bood Brouwershaven
               economisch gezien een wisselend beeld. Brouwershaven beleefde vooral gedurende
                     de
               de 17  eeuw een bloeiperiode als vissershaven. Tijden van voor- en tegenspoed
               wisselden elkaar af. Brouwershaven had één gebrek: de weg van de eigenlijke haven
               naar de Grevelingen was lang en smal. De schepen werden groter en het smalle
               kanaal weerhield deze grotere handelsschepen om de haven binnen te varen en
               Brouwershaven ging maritiem achterlopen. In de negentiende eeuw was er een
               opleving toen de Brielse Maas en het Goereese Gat verzandden. Rotterdam dreigde
               onbereikbaar te worden voor zeeschepen en daarom verschenen er steeds meer
               hoge masten op de rede van Brouwershaven, waar de lading werd overgeplaatst op
               kleinere schepen.








































               Brouwershaven, het raadhuis
   85   86   87   88   89   90   91   92   93   94   95