Page 252 - tmp
P. 252
Er was een spoorbrug over de rivier. Bij de plek waar wij stonden, is vele jaren geleden
de spoorlijn weggespoeld aan de andere kant van de brug. Het was gelijk over met
deze spoorlijn. Er schijnen plannen te zijn om de lijn weer te openen, maar met de
huidige regering gaat dat waarschijnlijk niet lukken. Op het oude station van Knysna
hadden we nog drie wagons gezien, die stonden weg te rotten, de loc was er helemaal
niet meer. Wat een verspilling. De rest van het traject ligt er altijd nog, maar de boel
opknappen gebeurt maar niet. Het moet een prachtige tocht zijn geweest lang de kust
en door de bergen. Jammer dat bijna alle openbaar vervoer naar de kloten is gegaan
door onwil, onbegrip en onkunde, zowel technisch als financieel. Bij George gingen we
het binnenland in via de prachtige Outeniqua Pass naar Oudtshoorn, de
struisvogelhoofdstad van de wereld. De rit over de pas was prachtig, we kwamen
steeds hoger in de steeds kaler wordende bergen. Lager leek het wel een fluwelen,
groen tapijt over de berghellingen, hoger gekomen waren de rotswanden een stuk
kaler. Over de pas heen was het landschap gelijk anders. We kwamen nu in de Kleine
Karoo. Dit is grotendeels een semi-aride gebied, dus halfwoestijn. De hoge bergruggen
houden de vochtige lucht vanaf de kust tegen, de regen valt aan de zeekant. Achter
de bergen is het dus een stuk droger. Er was in het eerste deel nog wel wat landbouw,
zoals wijngaarden en hopkwekerijen. Ze hadden hier sterke lampen bij geplaatst, zodat
de planten sneller groeien, omdat met de lampen de dagen kunstmatig langer zijn
gemaakt. Dicht bij Oudtshoorn hebben we een bakje gedaan bij een restaurant met
een mooie tuin eromheen. Er zaten hier veel vogeltje zoals de dominicanerwida, die
vooral in de broedtijd een opvallende vogel met een zeer lange staart is. Ze zijn niet
echt kleurrijk, namelijk zwart-wit. Maar de lange, zwarte staart die tijdens het vliegen
achter de vogel aan wappert, is wel bijzonder en de rode snavel valt wel op.
Dominicanerwida

