Page 76 - tmp
P. 76
Toegangspoort van de oude stad
Het verzet tegen het Rode Leger was halverwege de jaren 1920 grotendeels
neergeslagen en in 1924 werd de Oezbeekse Socialistische Sovjetrepubliek gevormd,
waartoe tot 1929 eveneens de Tadzjiekse Socialistische Sovjetrepubliek behoorde.
Gedurende het Sovjetregime was er een intensieve productie van het 'witte goud'
(katoen) en graan, wat leidde tot overgebruik van agrochemicaliën en water. Hierdoor
is een deel van het land zwaar vervuild en het Aralmeer en een aantal rivieren (vooral
de Amu Darja) zijn hierdoor grotendeels verdroogd. Oezbekistan werd in 1991
onafhankelijk met het uiteenvallen van de Sovjet-Unie. Sindsdien probeert het land zijn
afhankelijkheid van de landbouw te verminderen, en zijn mineralen– en aardolie-
reserves te gebruiken. Islom Karimov was sinds de onafhankelijkheid van het land
president. In 1989 was hij reeds leider geworden van de toenmalige deelrepubliek van
de Sovjet-Unie. Karimov hield het land in een stevige greep. Er was een oppositie,
maar de verkiezingen werden steevast een overwinning voor Karimov en zijn partij.
Vooral de militante islam werd stevig onderdrukt. In 2001 sloot Karimov een verdrag
met de Verenigde Staten, die vanuit Oezbekistan hun strijdkrachten in Afghanistan
mochten bevoorraden. Toen echter in 2005 een demonstratie in de stad Andijan
bloedig werd neergeslagen en het Westen stevige kritiek liet horen, sloot Karimov de
Amerikaanse basis en zocht zijn toevlucht bij Rusland en China. Enkele jaren later
sloot echter ook Pakistan zijn grens met Afghanistan voor Amerikaanse goederen,
waardoor de bevoorrading van de ISAF-troepen in gevaar kwam. Vandaar dat de
Westerse machten wederom bij Karimov aanklopten voor hulp. Hierdoor ontstond een
breuk tussen Oezbeekse milities in Noord-Afghanistan en de ISAF-troepen, omdat
veel Oezbeekse milities fel gekant waren tegen Karimov en zij de knieval zagen als
erkenning van Karimovs regime.

